10 dingen die wél leuk zijn aan het hebben van een peuter

wel leuk aan een peuterEen krijsend kind wiens woordenschat drastisch gereduceerd wordt tot slechts één woord (drie letters, beginnend met een ‘n’), iets met achter het behang en bloed onder je nagels. Ik weet inmiddels wel dat kinderen op de wereld zijn gezet met de opdracht hun ouders zoveel mogelijk te irriteren, maar toch zijn er ook toch nog wel wat redenen te bedenken waarom peuters wél de moeite waard zijn. Ik heb er tien bij elkaar weten te sprokkelen.

 

Het is bijvoorbeeld wél leuk…

  1. Dat je echte gesprekken kan voeren met je kind. En dat ze dus kan vertellen wat er aan de hand is in plaats van dat je maar moet gokken of ze moe is, honger of dorst heeft, of gewoon irritant doet. En dat jij heel goed weet wat Rotterrot, elastieties, pasgettie en appelsappelsap zijn.
  2. Dat ze superenthousiast op je af komt rennen als je haar ophaalt bij het kinderdagverblijf. En dat ze dan, je op je borst kloppend, vol trots aan iedereen vertelt dat je haar mama bent.
  3. Dat je inmiddels onverstoorbaar doorloopt als ze een scène gaat schoppen in het openbaar.
  4. Dat je moeder na een nachtje oppassen je dochter aflevert en zegt: “Wat is het toch een heeeuuurlijk kind!”
  5. Dat je apetrots bent als ze dingen zegt als “H. is niet eigenwijs, H. heeft een eigen neus!” En: “Wat komt er uit de koe? Melk. En uit het schaap komt ook melk.”
  6. Dat ze onderweg ineens doodleuk uitgebreid een paardenbloem of een mier kan gaan bestuderen. En dat je er dan achterkomt dat dus eigenlijk onwijs ontspannend is.
  7. Dat ze probeert tot twintig te tellen, maar bij veertien overgaat op het Spaans.
  8. Dat ze graag helpt met het aanzetten van de vaatwasser en het ophangen van de was. En dat ze dat vol overgave doet.
  9. Dat ze zegt wat er in haar opkomt en het ook meent. Dat ze dus gewoon hartstikke eerlijk is. En dat ze daarbij niet wordt gehinderd door enige vorm van bescheidenheid.
  10. Dat ze door het huis banjert, je overlaadt met kusjes terwijl ze roept “Kusjes te koop!”
Advertenties

Dat nóóit!

lullaby-clipart-9882006-mother-singing-a-lullaby-to-her-babyVoordat ik moeder werd, had ik stellig met mezelf afgesproken sommige dingen nooit te zullen doen. Omdat ze stom zijn, en ik “gewoon niet zo ben.” Zo zou ik dus nooit… nee, heus niet… nooit:

* met mijn eigen kwijl iets schoonpoetsen op het gezicht van mijn dochter

Echt, dit is echt zoiets, ja, “moederlijks”, zo onwaarschijnlijk irritant, zo zit ik niet in elkaar. Dat doe ik niet. Hm. Maar die opgedroogde traan… Voordat ik het in de gaten heb, heb ik op mijn vinger gespuugd en ben ik de boel ermee aan het schoonmaken. Ik denk er niet eens meer over na. Mag ik de hormonen hiervan ook de schuld geven?

* als een idioot mijn kind toespreken

“Koetsie koetsie, a bababababoe!” Doe normaal, zeg! Gelukkig praat ik op normale manier tegen mijn dochter, maar ik heb wel de halve dag mijn tong uit mijn mond hangen. Ik maak pruttelgeluiden, en godbetert, ik zing zelfs! Wel alleen als er niemand anders in huis is, maar toch. Mijn dochter kijkt me dan vaak geïnteresseerd aan, en lijkt het allemaal best te vinden. Wat geen beste ontwikkeling is, want mijn stem is niet bepaald Adele-materiaal. En toch dans ik met het arme kind op mijn arm de hele kamer door, en verzin ik de meest stompzinnige teksten. Ik moet toch echt die kinderliedjes eens uit mijn hoofd gaan leren.

* over poep en plas praten

Als D. onze baby aan het verschonen is, neem ik me voor er niet naar te vragen, maar zodra de klus geklaard is, komt er per ongeluk toch weer een “En?” uit. Ook iedereen die het maar horen wil (of niet) vol trots vertellen over die enorme scheet, of over de motorolie die de eerste dagen uit mijn kind kwam, behoort tot de dagelijkse gebeurtenissen. Het schijnt over te gaan naarmate de tijd verstrijkt, dat praten over poep en plas, dus daar houden we maar aan vast.

* huilen als mijn kind naar het kinderdagverblijf gaat

Ik ben geen sentimentele muts. Ik ga niet janken. Ik ga niet janken. Kom op, zeg! Eindelijk wat tijd voor mezelf. Maar toen ik mijn dochter vorige week voor drie wenuurtjes naar de opvang bracht, was het al zover. In bijzijn van de begeleidsters en andere kinderen hield ik me groot. Maar toen we het pand verlieten, had ik geen controle meer over de waterlanders. Damn! Ik ben dus zo’n sentimentele muts.

* denken dat ik het zelf allemaal beter weet

Ik ben misschien wel de meest onzekere moeder ten westen van de Oeral. En toch weet ik het wel degelijk beter. Dan wie dan ook. Die meisjes van het kinderdagverblijf mogen dan wel een speciale opleiding genoten hebben, en jarenlange ervaring, maar wat weten zij nou van kinderen opvoeden?!

* alleen maar over mijn kind praten

Mijn wereld is momenteel zo klein dat ik niet anders kan. Ik maak immers niets anders mee. Dag en nacht ben ik met mijn baby bezig. Ze zit in mijn hoofd, altijd. En het zal nog enige tijd vergen, maar ik heb goede hoop dat ik straks toch ook weer over andere dingen kan praten, zodat mijn kinderloze vrienden mij ook weer willen zien en het net lijkt alsof er niets gebeurd is.