Op reis vóór corona (1) : “Wat is dit een groot avontuur!”

20191029_112618Mexico! Het land van liefde en van zon! ’t Was in de schaduw van de bomen, dat net als in dromen een sprookje begon

Het land van liefde en van zon. En ook het land van armoede, drugs en veel geweld. Mexico heeft geen beste reputatie. Zo jammer. Want Mexico is fantastisch! Reusachtige Mayatempels, woestijnen vol cactussen, gigantische kustlijnen, parelwitte stranden, groene jungles, besneeuwde vulkaantoppen, heerlijk eten, en de mensen. Ah, de mensen. Mexicanen zijn fantastisch! Ze hebben een eeuwige glimlach, ze zijn vriendelijk en hartelijk, trots op hun land en bijzonder gastvrij.

Toen wij een jaar geleden plannen maakten voor een lange reis (nog net voordat H. 5 jaar en dus leerplichtig zou worden), maakte het ons aanvankelijk niet zoveel uit waar we naartoe zouden gaan. Toen het goedkoopste ticket ons naar Mexico stuurde, maakte mijn hart stiekem een sprongetje. In 2012 hadden D. en ik al eventjes aan het land mogen ruiken, toen we onze halfjaar durende reis door Latijns-Amerika in dit land begonnen. Slechts een week hadden we er doorgebracht, maar het smaakte al direct naar meer. Dus juij! Wij waren tevreden. En we besloten direct dat we dan ook weer naar Guatemala zouden gaan, want daar waren we ook fan van.

Het leverde een paar fronsende wenkbrauwen op. Want door deze gevaarlijke landen reizen, met een kleuter nota bene, die we ook nog eens zes weken van school hielden, dat was toch wel een beetje onverantwoordelijk gedrag. Maar hoewel we redelijk op de bonnefooi vertrokken, een paar keuzes hadden we al wel gemaakt. Zo viel bijvoorbeeld een staat af wegens te veel risico op drugsgerelateerd geweld. Ook nachtbussen zouden we vermijden (gelukt), en we namen ons stellig voor niet langer dan zes uur achter elkaar te reizen (niet gelukt), niet steeds overal maar één nacht blijven (ook niet gelukt) en vooral ook te zorgen dat H. het allemaal ook een beetje leuk zou vinden (zeker gelukt, “Wat is dit een groot avontuur!”, zei ze al na een week).

Mexico en, in iets mindere mate Guatemala, hebben bijzonder veel te bieden voor kleuters (en oudere kinderen). En alle schoolvakken zijn voorbijgekomen: rekenen (alle Jezusbeelden in alle kerken tellen), taal (“La cuenta, por favor”), biologie (babyschildpadjes de zee in sturen, neusberen en toekans bestuderen, luisteren naar brulapen), sport (zwemmen in de zee, zwembaden en in grotten, Mayatempels beklimmen) – eigenlijk kan hier geen enkele school tegenop.

Een groot avontuur, dat was het.

Ja, het blijft me steeds bekoren, want ik heb mijn hart verloren in het mooie Mexico. Mexiiiiicoooooo!

(tot snel, want wordt vervolgd)

Vroegâh

DSC_2924-01In een ander leven gingen wij naar Mexico. Van social distancing hadden we nog nooit gehoord, en anderhalve meter had geen bijzondere betekenis. Handen wassen deden we al wel, maar nog niet twintig keer per dag. We mochten nog gewoon vliegen, en knuffelen, en opa en oma bezoeken. We mochten nog naar ons werk, en naar school, al hoefde dat niet per se toen H. nog 4 jaar was. En daarom gingen we in november naar Mexico, zes weken lang, terwijl het niet eens vakantie was.

In Mexico City liepen we door de overvolle straten, en zaten we in de drukke metro. Mexicanen knepen vol liefde in de wangen van onze dochter en aaiden over haar blonde haren, en niet één keer maakten we ons zorgen.

Ze schudden ons hartelijk de hand, die leukerds, en heetten ons welkom. Met een knuffel namen we weer afscheid. We aten tortilla’s in overdekte markten, dronken tequila op het strand. We beklommen hoge Maya-tempels, zaten uren achter elkaar in bussen, doken in onderwatergrotten en bewonderden vulkanen. Op volle pleinen speelden muzikanten op hun trompetten en trommels en mensen klapten hun handen stuk.

Tijdens Día de Muertos beschilderde een meisje het gezicht van onze dochter en stonden we tussen één miljoen anderen naar een optocht van skeletten te kijken. H. was een beetje verkouden, maar wat gaf het.

Het was een mooie reis, waarover ik graag wilde schrijven. Maar er gebeurde iets. De wereld werd ziek. Ik kreeg alle tijd van de wereld, maar mijn inspiratie stokte.

Nu we opgesloten zijn in onze eigen huizen ga ik toch een poging wagen om de herinneringen op papier te zetten. Van die bijzondere reis in die andere tijd.

(wordt vervolgd)